Je bekijkt nu Een goed gesprek

“Professionele ontwikkeling is voor mij kritisch kijken naar jezelf. Wat doe je? Wat doe je goed? En wat kan er ook anders? Het is ook in beeld hebben waar je zelf naartoe wilt en beseffen wat je organisatie nodig heeft. Ontwikkeling heeft altijd te maken met het goede gesprek. Als je met elkaar op de goede toon kunt praten, zonder aannames, zonder oordeel dan ontstaat er ontwikkeling en groei.”

Lotte Huisman is directeur van twee scholen binnen Kyk Scholen, een scholenstichting van 33 openbare basisscholen in Friesland. Sinds een aantal maanden werkt Kyk met het eLoo platform. Zij is ook onderdeel van de HR-kring van haar schoolbestuur. Samen met haar collega-directeuren besloot zij een paar maanden geleden om met alle Kyk-scholen het eLoo platform te gaan gebruiken.

“Wij waren op zoek naar een instrument om de professionele ontwikkeling van onze medewerkers beter te kunnen monitoren. Iedere directeur hield er een eigen systeem op na. Daarom wilden we voor de hele organisatie één systeem gaan ontwikkelen met formulieren en AFAS. Maar daar zaten veel haken en ogen aan. We wilden lijn brengen in de lesobservatie en eenzelfde taal met elkaar spreken. Nu kon het gebeuren dat een medewerker op de ene school terugkreeg dat hij een goede les had gegeven en op een andere school minder goed beoordeeld werd omdat daar anders gekeken werd. Dat wil je niet binnen je scholengroep. We zochten naar een systeem dat ons hielp om grip te krijgen op de professionele ontwikkeling van onze medewerkers en op de kwaliteit van ons onderwijs.

het past bij onze identiteit

Een van onze schooldirecteuren kende de module Observeren (DOT) en module Ontwikkelen (BOOT) van eLoo al en gaf aan dat zij daar goede ervaringen mee had. Ik heb zelf ook contact opgenomen met andere scholen in Friesland die ook met de tools van eLoo werken en kreeg terug dat ze er goed mee konden werken.

We hebben uiteindelijk voor het eLoo platform gekozen omdat dat ons zicht geeft op de hele organisatie. Het geeft ons de kans om meer data gedreven te werken. Als we bijvoorbeeld zien dat een school heel sterk is op het gebied van rekenonderwijs en een andere school daar zwak in scoort, dan kunnen we de kracht van de een gebruiken om de ander te helpen. Bovendien kunnen we lesobservaties doen én de ontwikkeling van onze medewerkers binnen één systeem.

Daar komt bij dat dit systeem heel goed past bij onze identiteit: wij staan voor vol zelfvertrouwen vooruit durven kijken. We willen ons personeel kansen geven. Het eLoo platform helpt ons om in gesprekken met medewerkers de juiste toon aan te slaan. Door aan te geven wat je ziet of hoort maak je ontwikkeling bespreekbaar en groeien mogelijk. Feedback is immers de motor voor zelfontwikkeling. Het geeft je als directeur een steuntje in de rug zodat je feedback aan medewerkers bewuster inzet.

plug & play

Alle directeuren van Kyk hebben van eLoo instructie gekregen in het werken met de modules. Om mijn medewerkers mee te nemen heb ik een document opgesteld waarin ik uitgelegd heb waarom we ervoor gekozen hebben het eLoo platform te gaan werken. Daarin geef ik ook aan dat we de tijd gaan nemen om ermee te leren werken. Voor nu heb ik mijn leerkrachten gevraagd om voor de zomer in elk geval een zelfevaluatie in te vullen. Na de zomer gaan we aan de slag met lesobservaties en feedback van collega’s.

Het systeem werkt zo makkelijk dat het mij niet nodig leek om een instructie te geven aan alle leerkrachten. Ik heb ze gewoon de inloggegevens gegeven. Als zij tegen een vraag aanlopen kunnen ze altijd bij de directeuren terecht. Maar dit werkt echt plug & play, dus ik verwacht niet dat er veel vragen zullen zijn.

Als je nooit feedback krijgt van een collega op je lessen, dan is groeien moeilijker.

Lotte Huisman – Kyk Scholen

tijd

Als je nooit een lesbezoek van je directeur krijgt of nooit feedback van een collega op je lessen, dan is groeien moeilijker. Je leert ongelofelijk veel van elkaar. Het is echt nodig om meer tijd te maken voor collegiale consultatie. Daarom heb ik in november voor twee dagen in de week een invalleerkracht geregeld die van klas naar klas zal hoppen. Dit schept tijd voor collegiale lesbezoeken.

We moeten komend jaar eerst leren goed te werken met het platform. Maar in de toekomst zouden we het observatieformulier kunnen integreren met bijvoorbeeld onze ‘Daltonafspraken’, waarin we met elkaar formuleren waar we inhoudelijk in onze school aan willen gaan werken. Dan kunnen we aan het standaard observatieformulier eigen vragen toevoegen of een eigen observatieformulier ontwikkelen. We gaan deze investering niet aan voor twee jaar, maar voor de lange termijn. We leren eerst hoe we met het systeem kunnen werken en daarna is het een kwestie van volhouden en vasthouden.”